16 september 2009: Geluk en Keuzes

Gisteren, Prinsjesdag, heeft onze koningin wederom de Troonrede uitgesproken en daarin horen de beleidsvoornemens van het kabinet voor het komende jaar te worden uiteengezet.Zij (HKH) sprak slechts 1.591 woorden uit, de kortste troonrede sinds 1981. (uit: nrc: wat een vak als je dat bijhoudt!) Ik kan hier alleen maar naar gissen, maar de meest voor de hand liggende oorzaak lijkt dat er te weinig beleid is om uit te dragen. De recessie vraagt krachtige maatregelen, maar het is nu eenmaal wel het laatste jaar van het kabinet vóór de verkiezingen.Ingrijpende keuzes -maatregelen op korte termijn- kosten kiezers en zijn daarom niet gemaakt.Deze analyse wordt door vrijwel iedereen gedeeld.

De toekomst van de BV Nederland ziet er somber uit en er zijn ook nog eens geen krachtige maatregelen in het vooruitzicht om het tij te keren.

Minder geld voor zorg, minder koopkracht, langer werken.....

Gaan we hierdoor straks minder gelukkig worden denkt U?

Wat maakt mensen nu gelukkig? Plato (Grieks wijsheer 427-347 v. Chr.) stelde dat "geluk het enige is dat mensen nastreven".Geluk werd daarmee niet gezien als een geestestoestand die je kon bereiken, maar als een activiteit die je voortdurend uit moest voeren, zoals wijsheid vergaren, een deugdzaam leven leiden en goed zijn voor anderen. Geluk dus niet als iets wat je bent, maar iets wat je doet.

Epicurus (Grieks filosoof 341-270 v. Chr.) doorbrak deze opvatting door te stellen dat geluk wel een "geestestoestand" is, en wel simpelweg: "de afwezigheid van pijn".

In deze opvatting speelt vrijheid een cruciale rol: vrij zijn van pijn (negatieve vrijheid)
en vrij zijn om plezier te maken (positieve vrijheid).

In bijna alle moderne definities van geluk zijn deze vormen van negatieve vrijheid (bv. privacy, veiligheid) en positieve vrijheid (bv. vrije meningsuiting, keuzevrijheid etc.) nog steeds noodzakelijke voorwaarden.

In de jaren negentig toen het neoliberale "vrije markt denken" opkwam, is keuzevrijheid echter langzamerhand als een politiek, maar ook maatschappelijk hoofddoel ontstaan. Ergo: meer keuzevrijheid zou meer geluk brengen. Maar recent onderzoek heeft ook opgeleverd dat dit niet altijd het geval is. Teveel keuzes leidt tot keuzestress. Hoe dat komt? De mens blijkt zijn mate van tevredenheid- en daaraan gekoppeld zijn geluk- doorlopend aan de omstandigheden aan te passen, ook of -juist- als gestelde doelen niet worden gehaald. Wat we krijgen waarderen we, maar wat we niet krijgen trivialiseren we ook: we passen steeds onze verwachtingen aan en blijven zo relatief gelukkig. Zo blijken mensen die de loterij hebben gewonnen na een tijdje niet significant gelukkiger te zijn dan diegene, die er één cijfer naast zat.

Maar dit werkt alléén als we keuzes maken; zolang de kans op een andere omstandigheid (met meer geluk) er is, blijven we streven naar het geluk, maar ervaren (de geestestoestand) dus niet.

Wat kunnen we daar nu in het licht van de recessie en de kabinetsplannen van leren?

Laten Jan-Peter, Wouter, Camiel en anderen, maar ook wijzelf keuzes maken, dan kunnen we de gevolgen het beste aanvaarden.
We hoeven ons niet altijd te richten op meer, groter, beter.... we kunnen dus ook gelukkig zijn met wat we al hebben. Daarvoor moeten we schuldgevoel, status angst en zelftwijfel loslaten.

De franse president Sarkozy -wat je ook verder van hem moge vinden- heeft het wel begrepen: die denkt niet meer in Nationaal Product maar in Nationaal Geluk.

En voor Jan-Peter, Wouter, Camiel èn ons allen heeft Nietzsche een goede raad:

  1. beperk je eigen keuzevrijheid door iedere keuze die je maakt per definitie als "juist" te beschouwen en:
  2. wees niet bang om de "verkeerde" keuze te maken: je kunt iedere keuze immers ongedaan maken met een nieuwe keuze; anders was er namelijk geen keuze.

En in een dergelijk zelfvertrouwen zegt Nietzche, schuilt het ware geluk.

TURFSCHIPLOGE nr 94 - BREDA   -   I.O.O.F.